Huidige tijd:0:00Totale duur:4:46

Redactiesom over de wetenschappelijke notatie: rode bloedcellen

Videotranscript

Het menselijk lichaam heeft 5 liter bloed. Daarvan is 40% rode bloedlichaampjes. Elk rode bloedlichaampje heeft een volume van ongeveer 90 keer 10 tot de -15e liter. Hoe veel rode bloedlichaampjes heeft een menselijk lichaam? Schrijf je antwoord in wetenschappelijke notatie en rond af op twee cijfers achter de komma. Ze geven het totale volume aan bloed in het menselijk lichaam. We hebben 5 liter bloed. En ze zeggen dat 40% daarvan rode bloedlichaampjes is. Als we 5 liter nemen en dat vermenigvuldigen met 40% geeft deze uitdrukking het totale volume aan rode bloedlichaampjes. 40% van het totale volume aan bloed. Dit is het totale volume aan rode bloedlichaampjes en als we delen door het volume per bloedlichaampje dan krijgen we het aantal rode bloedlichaampjes. Laten we dat doen. Laten we delen door het volume van elk rode bloedlichaampje. Het volume per rood bloedlichaampje is 90 keer 10 tot de -15e liter. Eens zien of we het kunnen versimpelen. We kunnen alvast zien dat de eenheden tegen elkaar wegvallen. We hebben liter in de teller en liter in de noemer Dus we krijgen een puur getal, wat we nodig hebben. We willen het aantal rode bloedlichaampjes in het lichaam. Laten we ons concentreren op de getallen. Dus 5 keer 40%. 5... 40% is hetzelfde als 0,4. Ik schrijf het op. Dit is hetzelfde als 0,4. 5 keer 0,4 is 2. Dus de teller versimpelt tot 2. In de noemer hebben we 90 keer 10 tot de -15e. Dat is niet echt in wetenschappelijke notatie. Sterker nog, het is echt niet in wetenschappelijke notatie. Het ziet er zo uit, maar denk eraan, voor wetenschappelijke notatie moet dit getal groter dan of gelijk zijn dan 1 en kleiner dan 10. Het is duidelijk niet kleiner dan 10. We kunnen dit makkelijk omzetten naar wetenschappelijke notatie. 90 is hetzelfde als 9 keer 10 ofwel 9 keer 10 tot de 1e. En dat vermenigvuldig je met 10 tot de -15e. En dit versimpelt tot 9 keer 10 tot de... Laten we deze twee exponenten optellen. 10 tot de -14e. 10 tot de -14e. 10 tot de -14e. Nu kunnen we echt delen. Laten we deze deling versimpelen. Dit wordt hetzelfde als 2 gedeeld door 9... 2 gedeeld door 9 keer 1 gedeeld door 10 tot de -14e. Wat is 1 gedeeld door 10 tot de -14e? Dat is gewoon 10 tot de 14e! Dit is hetzelfde als 10 tot de 14e Je denkt misschien dat je klaar bent als je weet wat 2 negende is. We hebben dit in wetenschappelijke notatie opgeschreven. Maar je ziet misschien al dat 2 negende niet groter dan of gelijk is aan 1. Hoe maken we dit groter dan of gelijk aan 1? We zouden het kunnen vermenigvuldigen met 10. Als we dit vermenigvuldigen met 10 moeten we dit delen door 10 om de waarde van deze uitdrukking niet te veranderen. Laten we dat doen. Dit is gelijk aan... Ik ga dit met 10 vermenigvuldigen en dit door 10 delen. Het is niet veranderd. Ik heb vermenigvuldigd met en gedeeld door 10. Dit is 20 gedeeld door 9 keer... 10 tot de 14e gedeeld door 10 is 10 tot de 13e. Wat is 20 gedeeld door 9? Dit wordt een getal dat groter dan of gelijk is aan 1 en kleiner dan 10. Laten we het uitrekenen. En ze wilden dat we het antwoord op 2 getallen achter de komma afronden. Laten we dat doen. Dus 20 gedeeld door 9. 9 past niet in 2, maar wel 2 keer in 20. 2 keer 9 is 18. Trek het eraf, en je houdt 2 over. Ik denk dat je ziet waar dit heen gaat. Je houdt 2 over. 9 past 2 keer in 20. 2 keer 9 is 18. We krijgen steeds tweeën. We krijgen nog een 2, haal de 0 naar beneden. 9 past 2 keer in 20. Dus dit is in werkelijkheid 2,2 herhalend. Maar we moeten afronden op 2 cijfers achter de komma dus dit wordt gelijk aan 2,22 keer 10 tot de 13e macht.