Huidige tijd:0:00Totale duur:4:58

Videotranscript

Ik ga 78 keer 65 op een andere manier doen, zodat je vermenigvuldigen op meerdere manieren kunt. Zo doe ik het eigenlijk zelf in mijn hoofd. Dus 78 keer 65. Laten we kijken naar wat deze delen van dit oppervlak voorstellen. Dus 78 keer 65. Ik begin zoals altijd. Met de 5 op de plek van de eenheden. en 5 keer 8 is 40. In plaats van een 0 te schrijven en de 4 hier mee te nemen, schrijf ik 40. Dus dit was 5 keer 8. Nu 5 keer de 7. Wel opletten hier want dit is geen 7 maar 70. Dus wat is 5 keer 70? Als 5 keer 7 = 35, dan 5 keer 70 = 350 Dus dat ik schrijf 350 op. Dus 5 keer 8 is 40, 5 keer 7 is 350. Als ik deze twee optel is het 5 keer 78. Nu gaan we naar de 6. Dus 6 keer 8. weer oppaasen geblazen! Deze 6 staat op de plek van detientallen Dus is 60. 60 keer 8. 6 keer 8 is 48, dus 60 keer 8 is 480. Dus het is 480. en dan 6 keer 7. Dat is 42, maar ... Het is 60 keer 70, dus hebben we twee nullen aan het eind. Dit is 4.200, geen 42. Dus 660 keer 70 is 4.200 en nu tellen we alles op. Dat gaat zoals we altijd doen bij onder elkaar vermenigvuldigen Ik heb nu alles apart opgeschreven welke delen komen van vermenigvuldigen. Maar we kunnen alles optellen Op de eenheden hebben een 0 op de tientallen, 4 plus 5 is 9. 9 plus 8 is 17. Een 1 meenemen. 1 plus 3 is 4. 4 plus 4 is 8. 8 plus 2 is 10. Een 1 meenemen, en dan een 5 hier. Dus is dat 5.070 Nu wil ik je laten zien dat laten zien wat we deden met deze oppervlakte Dus we hadden 78. Deze verticale lengte is 78. Dus deze afstand hier is de 70. En dan deze lengte hier is de 8. Ik maak het wat mooier dan kun je het goed zien. Dus deze afstand is de 8. en dat vermenigvuldigen we met 65 dus deze afstand hier (niet helemaal op schaal) voor het idee, dit is 60. En deze afstand hier is 5. Dus de hele afstand is 65. En deze hele afstand is 78 Dus als je van deze rechthoek 65 eenheden neemt en vermenigvuldigt met de hoogte van 78, dan is de oppervlakte 78 keer 65. Dus de oppervlakte is 5.070 Nu kunnen we elk van deze getallen in dit oppervlak als een vlakje terugvinden. De 5 keer 8 gaf 40 en dat is dit gedeelte 5 ker 8 is 40. 5 keer 70 was 350. Dat is dit deel. 5 keer 70 was 350 60 keer 8 gaf 480 - dat is dit deel dit is 60 keer 8, is 480. en tot slot 60 keer 70 was 4.200 en dat is dit deel. Dit is 60 breed en 70 lang. Dus dit is 60 keer 70, is 4.200. En dan telden we alles op, dat gaf 5.070 dus eigenlijk tellen we van elk deel hier de oppervlakten bij elkaar op De grootste is 4.200 we krijgen 480 van die knalroze deze groengele is 350 en 40 van dit kleine groenblauwe deel. Dus het gehele oppervlak is 5.070 eenheden.