If you're seeing this message, it means we're having trouble loading external resources on our website.

Als je een webfilter hebt, zorg er dan voor dat de domeinen *.kastatic.org en *.kasandbox.org niet geblokkeerd zijn.

Hoofdmenu
Huidige tijd:0:00Totale duur:4:25

Breuken optellen (noemers van 10 & 100)

Videotranscript

Laten we eens kijken of we 3/10 bij 7/100 kunnen optellen. Laten we eens kijken of we 3/10 bij 7/100 kunnen optellen. Probeer deze twee eerst zelf op te tellen voordat ik je help, Probeer deze twee eerst zelf op te tellen voordat ik je help, en ik geef je één hint. Nu is het heel moeilijk om deze twee op te tellen. 3/10 en 7/100 zijn twee verschillende breuken met twee verschillende noemers. 3/10 en 7/100 zijn twee verschillende breuken met twee verschillende noemers. 3/10 en 7/100 zijn twee verschillende breuken met twee verschillende noemers. Probeer dus 3/10 op te schrijven op een manier dat 100 de noemer wordt, dus dat het in honderdsten wordt weergegeven, dus dat het in honderdsten wordt weergegeven, zodat je ze wel kunt optellen. Ik ga er van uit dat je het gedaan hebt. We gaan 3/10 nu anders opschrijven en ik zal het tekenen. Je kunt dit zien als een hele, en dit is ook een hele. Deze hele is verdeeld in tienden: 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10. Deze hele is verdeeld in tienden: 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10. Hoe ziet 3/10 er dan uit? Dat zijn dan 1, 2, 3 van deze tienden. Dat zijn dan 1, 2, 3 van deze tienden. Wat als je nu deze tienden zou pakken en ze weer in 10 stukken zou delen? Je neemt dus iedere tiende en je verdeelt die in 10 stukjes. Je hebt 10 stukjes en ieder van die heeft weer 10 sub-stukjes. Dus je hebt dan honderdsten. Deze stukjes zijn dan honderdsten. Dus 10 keer 10. Dus 10 keer 10. Dus 10 keer 10. Dan heb je honderdsten. En 3/10 is dan hoeveel van deze honderdsten? Ieder van deze tienden zijn er nu 10. Dus je hebt 10, 20, ik kleur ze wat beter in, Dus je hebt 10, 20, ik kleur ze wat beter in, 10, 20 en 30 honderdsten. Dus dit deel hier, even een goed kleurtje pakken, dit deel hier is dan 3 keer 10, en dat is samen 30. 10 keer 10 is samen 100. Dus zo veranderen we de noemer. In plaats van te denken in tienden, gaan we in honderdsten denken. En nu is onze noemer, 3/10, 30 honderdsten. Dus dit kunnen we veranderen. We vermenigvuldigden eerst de teller met 10, en toen de noemer met 10, maar we veranderde de waarde niet. Het is nog steeds hetzelfde: 3/10 van de hele. Dus als je dat doet- dit is 30 keer 100. 3 tienden is samen 30 honderdsten. We doen die 7 bij de 100. Of, drie tienden is hetzelfde als 30 honderdsten. Of, drie tienden is hetzelfde als 30 honderdsten. En we doen er 7 honderdsten bij. Nu heb je 30 plus 7 honderdsten. Nu heb je 30 plus 7 honderdsten. Nu heb je 30 plus 7 honderdsten. Dit wordt nu 37 honderdsten. Dus deze extra 7 die we optellen, ik pak even een andere kleur. ik pak even een andere kleur. Deze 7 honderdsten die we optellen, dat is één, twee, ik doe het wat duidelijker. Dus dat is 1, 2, dus dit is helemaal tot 7. 1, 2, 3, dus 7 honderdsten is precies hier. Ik pak mijn pen weer. Dus dat, oeps, dit hier is 7 van de honderd. Dus 30/100 plus 7/100 is 37/100. Dus 30/100 plus 7/100 is 37/100.