If you're seeing this message, it means we're having trouble loading external resources on our website.

Als je een webfilter hebt, zorg er dan voor dat de domeinen *.kastatic.org en *.kasandbox.org niet geblokkeerd zijn.

Hoofdmenu
Huidige tijd:0:00Totale duur:2:34

Getallen naar verschillende plaatswaarden hergroeperen

Videotranscript

4.500 is gelijk aan 3 duizend plus hoeveel honderdtallen? 4.500 is gelijk aan 3 duizend plus hoeveel honderdtallen? Laten we deze linkerkant uitschrijven, maar ik ga ze schrijven als duizenden en honderden. maar ik ga ze schrijven als duizenden en honderden. Ik schrijf de duizenden in het oranje. Dit is gelijk aan 4 duizend, wat hetzelfde is als 4.000 plus 500, wat je ook kan zien als 5 honderd. Dus dit is de linkerkant. Laten we kijken naar de rechterkant. We hebben 3 duizend. Dit is 3 duizend. Laten we hier niet naar kijken. Laten we bedenken, wat moeten we optellen om deze rechterkant gelijk te krijgen aan het getal aan de linkerkant? Als je de 3.000 en 4.000 vergelijkt, dan hou je hier een extra 1.000 over. Dus laten we rechts een extra 1.000 toevoegen. We voegen een extra 1.000 toe. En nu hebben we 3.000 plus 1.000. Dat maakt 4.000. Maar dan hebben we nog een extra 500 nodig. Dus we hebben hier nog een extra 500 nodig. Om deze twee dingen gelijk te krijgen, moeten we zeggen 4.000 plus 500 is gelijk aan 3.000 plus 1.500. De manier waarop dit opgezet is, moeten we het er hetzelfde uit laten zien. Aan de linkerkant is dit 4.500. Dus dit hier is hetzelfde als 4.500. Dit is dit hier. En aan de rechterkant hebben we 3 duizend. Dus dat is dit hier. Dat is de 3 duizend. En dan moeten we dit uitdrukken als honderden. 1.500 is hetzelfde als 15 honderd. Laten we alles opschrijven. We kunnen dit schrijven als 4.500, om het in dezelfde vorm te krijgen als ze hier schreven. We kunnen dit schrijven als 4.500 is gelijk aan 3 duizend plus-- nu moeten we dit in honderden opschrijven. Dit is 15 honderd. Als je 15 keer 100 zou nemen, dan wordt dat 1.500. Dit kan je zien als plus 15 honderd. Dus in dit geval is het vraagteken gelijk aan 15.