If you're seeing this message, it means we're having trouble loading external resources on our website.

Als je een webfilter hebt, zorg er dan voor dat de domeinen *.kastatic.org en *.kasandbox.org niet geblokkeerd zijn.

Hoofdmenu
Huidige tijd:0:00Totale duur:2:26

Plaatswaarden gebruiken om 3-cijferige getallen op te tellen: deel 1

Videotranscript

Laat ons 536 en 398 optellen, we gaan het op twee verschillende manieren doen, zodat je echt begrijpt hoe optellen werkt. Als eerste doen we het op traditionele manier. We starten bij de eenheden, "wat is 6 plus 8?" Wel, we weten dat 6 plus 8 gelijk is aan 14. Dus wanneer we het hier opschrijven... Kunnen we zeggen... kijk, de 4 staat op de plaats van de "enen" (eenheden), dus is 14 gelijk aan 4 plus een 10. Laat ons de "10" op de plaats van de "tienen" schrijven. Nu focussen we op de plaats van de 'tienen' We hebben één 10, plus drie 10en, plus negen 10en... Dus hoeveel hebben we in totaal? 1 plus 3 plus 9 is gelijk aan 13. We moeten onthouden dat dit dertien 10en is. Of een andere manier van denken is: we hebben 3 10en en één honderd. Misschien zeg je nu: "wacht, wacht. Wat bedoel je ? Hoe kan dit kloppen ?" Weet je nog! We zijn bezig bij de 10en (tientallen), dus eigenlijk tellen we een 10 en drie tienen en negen 10en bij elkaar op. Dus eigenlijk tellen we 10 plus 30 plus 90, wat 130 geeft. Dus plaatsen we de 30 (de 3 op de plaats van de 10en staat eigenlijk voor 30). Dit is dus de 3 die 30 representeert, en we platsen deze 1 op de plaats van de 100en (honderdtallen). Tien 10en is gelijk aan 100. Nu tellen we de 100en (honderdtallen) bij elkaar op. 1 plus 5 plus 3 is gelijk aan ... Laat ons eens kijken... 1 plus 5 is gelijk aan 6, plus 3 is gelijk aan 9. We moeten ons er aan herinneren dat deze 9 eigenlijk voor 900 staat, want ze staat op de plaats van de honderdtallen. Dus dit is eigenlijk honderd (laat me de kleuren dezelfde maken), dus dit is eigenlijk honderd, plus vijfhonderd, plus driehonderd... is gelijk aan negenhonderd. En dat is exact wat we hier hebben staan. Honderd, plus vijfhonderd, plus driehonderd, is gelijk aan negenhonderd. We zijn klaar. De som is 934.