Hoofdmenu
Huidige tijd:0:00Totale duur:3:18

Videotranscript

Stel dat ik in een restaurant werk. En dat ik 10 dollar per uur verdien. Maar bovenop mijn loon krijg ik ook nog wel eens een fooi of tip. Dus deze uitdrukking laat zien hoeveel ik kan verdienen in een uur. Nu kun je bedenken dat het aantal tips dat ik krijg of het bedrag aan tips dat ik krijg wel eens heel erg kan variëren van uur tot uur. Het varieert. In een uur kan het lunchtijd zijn, dan krijg ik veel tips. Mensen kunnen veel tip geven. En in het volgende uur zijn er misschien heel weinig klanten en krijg ik dus weinig tips. Dus, het deel van de tips is hier, we zien dat als, het hele woord, we noemen dat een variabele, die varieert, afhankelijk van de situatie. Bijvoorbeeld, in een bepaalde situatie, is het lunchtijd. En ik krijg veel tips. Dus het bedrag aan tips is, laten we zeggen, gelijk aan 30 euro. Dus het totale bedrag dat ik verdien in dat uur, dan gaan we terug naar de uitdrukking hier, dat wordt 10 plus, in plaats van het woord tips te schrijven hier, schrijf ik '30', omdat ik dat in dat uur heb verdiend aan fooien. Dus dat is dan gelijk aan, dat is gelijk aan 40...ik schrijf dat in het geel. Dus het wordt 40 dollar. Maar stel dat het rustiger wordt, b.v na de lunch of omdat het restaurant hiernaast korting geeft. Dus het komend uur gaan mijn tips dramatisch naar beneden, naar 5 dollar. Terug naar deze expressie: het totaal is mijn uurloon plus 5 dollar tip, dat is 15 dollar Deze hele expressie, 10 met 5 tip, veranderd als de variabele "tip" verandert. In de algebra gebruiken we geen woorden voor variabelen, maar tekens of symbolen. We zijn gewoon een beetje lui;-) Dus in dit geval nemen we 10+t met de letter t voor de hoeveelheid tip die we per uur verdienen. Wat gebeurt er nu als de tip 30 wordt? Dat schrijf ik op. t is gelijk aan 30. Hierdoor krijgen we 10 plus 30, dat is 40. Wat gebeurt er als de tip 5 is? Dan is het 10 plus 5, ofwel 15. Even voor de duidelijkheid, we hadden elke andere letter kunnen gebruiken, of zelfs een heel ander teken. Bijvoorbeeld als 10 + x, en x stelt dan het bedrag aan tips in een uur voor. Of zelfs als 10 plus "sterretje, en * stelt dan het bedrag aan tips in een uur voor. Maar logischer is t, want daarmee begint het woord tip. Ik hoop dat je nu door hebt wat een variabele is? Het is niets anders dan een symbool dat verschillende waarden kan representeren. Omdat de waarde varieert, noemen we het een variabele.