Huidige tijd:0:00Totale duur:4:33

Videotranscript

"Hier staan geordende paren die de eerste 6 termen representeren van twee reeksen. "De eerste waarde in elk paar is een term uit Reeks A "en de tweede waarde is een term uit Reeks B. "In het antwoordvak staan verschillende uitspraken over de twee reeksen." Kies alle goede uitspraken. Dus laten we kijken wat hier gebeurt. Ze zeggen dat de eerste term Reeks A is. Dus de eerste term in elk van deze coördinaten is Reeks A. Of in elk paar. Dus Reeks A gaat van 1 naar 2 naar 4 naar 8 naar 16 naar 32. Dus om van de eerste naar de tweede term te gaan in Reeks A vermenigvuldigden we met 2. En van de tweede naar de derde term vermenigvuldigden we ook met 2 en we blijven vermenigvuldigen met 2. En dat blijven we doen. 8 keer 2 is 16 en 16 keer 2 is 32. Laten we kijken wat er gebeurt met Reeks B. Dus Reeks B is het tweede getal in elk van deze paren. En die is altijd 3! Je kan het op meerdere manieren zien: Reeks B is altijd 3. Je kan zeggen dat Reeks B met 3 begint en we tellen er telkens 0 bij op. Of je zegt dat Reeks B begint met 3 en we telkens vermenigvuldigen met 1. Dat geeft allemaal 3 telkens weer. Dus nu hebben we naar de paren gekeken. Dat zijn de bijbehorende termen voor Reeks A en Reeks B. Laten we kijken naar de keuzes en welke van toepassing zijn. "In Reeks A kom je van een term naar de volgende "door te vermenigvuldigen met een constante." Dat ziet er goed uit. We gaan van de eerste naar de tweede term door te vermenigvuldigen met 2 dan weer met 2 naar de derde term en we blijven vermenigvuldigen met 2. Dus de constante waar we mee vermenigvuldigen is 2. Dus dat ziet er goed uit. "Het volgende paar is (52,3)." Laten we daar over nadenken. Als we blijven verdubbelen voor Reeks A... Dus dat wordt keer 2. 32 keer 2 is 64. En als we zeggen dat dit 1 keer de vorige term is krijgen we weer 3. Dus de volgende moet (64,3) zijn. Zij zeggen dat de volgende (52,3) moet zijn, dus die klopt niet. "Als we de paren in een grafiek zetten "staan de punten op één lijn." Laten we daar even over nadenken. Dit is mijn verticale as. Dit is mijn horizontale as. Op de horizontale as teken ik Reeks A en op de verticale as teken ik Reeks B. Reeks B. Eens zien. Reeks A gaat helemaal naar 32 dus ik doe mijn best. Dus stel dat dit 32 is. De helft daarvan is 16. De helft daarvan is 8. De helft daarvan is 4. De helft daarvan is 2. En de helft daarvan is 1. Dus dit zijn alle punten op Reeks A. Voor elk daarvan is de bijbehorende term in Reeks B 3. Dus we hebben... Als Reeks A 1 is, is Reeks B 3. 1, 3. Als Reeks A 2 is, is Reeks B 3. Als Reeks A 4 is, is Reeks B 3. Als Reeks A 8 is, is Reeks B 3. Als Reeks A 16 is, Reeks... Dit is een tongbreker. Als Reeks A 16 is, is Reeks B 3. Als Reeks A 32 is, is Reeks B 3. En zoals je ziet liggen ze allemaal op een lijn. Ze liggen allemaal op deze horizontale lijn, hoe we het tekenden tenminste. Ze liggen allemaal op deze gele lijn, die je waarschijnlijk niet kan zien. Laat ik deze rode kleur gebruiken. Ze liggen allemaal op deze lijn hier. Dus dat ziet er goed uit. Als we de paren tekenen zijn ze op dezelfde lijn. Dus die doe ik. "In Reeks B kom je van een term naar de volgende "door te vermenigvuldigen met een constante." Ja. Elke term heeft dezelfde waarde, maar je kan van 3 naar 3 gaan door altijd te vermenigvuldigen met 1. 1 is een constante. Dus we vermenigvuldigen elke term met 1. Dus dat lijkt ook goed. Dus deze zijn allemaal goed behalve de tweede. Het volgende paar is niet (52,3) maar (64,3).